Compliment van de maand: ACER met goedkeuring Flexibility Needs Assessment Methodology
In de berichtenreeks ‘compliment van de maand’ willen we iedere maand stilstaan bij een stakeholder die op zijn of haar manier de implementatie van energieopslag probeert te versnellen. Voor de maand april gaat ons compliment uit naar het Europees Agentschap voor de Coördinatie van Energietoezichthouders (ACER) met de recente goedkeuring van de Flexibility Needs Assessment Methodology. Deze stap vormt een belangrijke mijlpaal voor energieopslag, omdat zij zorgt voor een transparante en geharmoniseerde manier waarop de flexibiliteitsbehoefte in de lidstaten moeten worden beoordeeld en vastgelegd.
Methodologie Flexibility Needs Assessment
Vanuit de Europese Commissie zijn EU-lidstaten verplicht om jaarlijks een Flexibility Needs Assessment uit te voeren om daarmee inzicht te krijgen in de Europese en landelijke flexibiliteitsbehoefte. Om dit uit te voeren is een uniforme methodologie tussen lidstaten noodzakelijk. ACER heeft deze methodologie ontworpen waarbij een stevig fundament wordt geboden voor zowel transmissie- als distributiesysteembeheerders om de toekomstige flexibiliteitsvraag zorgvuldig en consistent te analyseren. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar de traditionele systeemelementen, maar wordt ook duidelijk onderscheid gemaakt tussen netwerkflexibiliteit en systeemflexibiliteit. Dat maakt het mogelijk om veel preciezer vast te stellen waar en wanneer flexibiliteitsoplossingen nodig zijn, en welke technologieën hierin de grootste bijdrage kunnen leveren.
De rol van energieopslag binnen deze methodologie
Voor de energieopslagsector is deze ontwikkeling van bijzonder grote betekenis. De methodologie erkent dat opslag een volwaardige en veelzijdige flexibiliteitsbron is, die kan bijdragen aan het verlichten van congestie, het ondersteunen van netstabiliteit en het mogelijk maken van een veel hogere integratie van hernieuwbare energiebronnen. Door energieopslag expliciet een plaats te geven in de systematische beoordeling van flexibiliteitsbehoeften, ontstaat er meer zekerheid en duidelijkheid voor investeerders en ontwikkelaars. Dit draagt bij aan het creëren van de juiste marktcondities en beleidskaders waarin opslagtechnologieën kunnen worden gestimuleerd.
Een ander belangrijk voordeel van deze aanpak is dat de analyses niet op zichzelf staan, maar aansluiten bij bestaande Europese en nationale studies, zoals de European Resource Adequacy Assessment (ERAA) en de nationale equivalenten daarvan. Hierdoor wordt efficiënt gebruikgemaakt van reeds aanwezige data en expertise, terwijl tegelijkertijd wordt gezorgd voor consistentie en vergelijkbaarheid tussen de lidstaten.
Energy Storage NL: methodologie goed signaal richting voor landelijke opslagdoelstelling
De goedgekeurde methodologie legt een stevige basis voor de volgende stappen die op Europees niveau gezet zullen worden. Binnen de komende jaren zullen de lidstaten hun flexibiliteitsrapporten opleveren en daaruit voortvloeiende doelstellingen vaststellen voor niet-fossiele flexibiliteit.
Energy Storage NL ziet hierin een krachtig signaal dat Europa niet alleen inzet op meer hernieuwbare energie, maar ook de noodzakelijke randvoorwaarden schept om deze energie daadwerkelijk efficiënt en duurzaam te benutten. Al langer spoort Energy Storage NL de landelijke overheid aan om te kijken naar een nationale doelstelling voor energieopslag, zodat de toekomstige rol van energieopslag en de noodzakelijke regie en coördinatie hierop concreter in beleid wordt meegenomen. De brancheorganisatie ziet zich daarom nu gesteund door de Flexibility Need Assessment en de uitwerking van deze methodologie waarbinnen ook energieopslag goed moet worden meegenomen. Energy Storage NL roept daarom ook beleidsmakers op de uitvoering hiervan proactief op te pakken en nu al aan de slag te gaan met een de nationale uitwerking van de Flexibility Needs Assesment.