Batterijen als congestieverzachter
Om te begrijpen wat een congestieverzachter is, helpt het om terug te kijken naar de ontwikkeling van het elektriciteitssysteem. Aan het eind van de 18e eeuw richtten gemeenten eigen energiebedrijven op om inwoners van gas en elektriciteit te voorzien. Omdat dit grote investeringen vereiste, werden productie en distributie als publieke taken gezien. In de loop van de 20e eeuw fuseerden lokale bedrijven tot regionale partijen.
In de jaren ’80 en ’90 ontstonden landelijke energiebedrijven. Om een vrije Europese markt te creëren, werd de splitsingswet ingevoerd: netbeheer werd een publieke taak, productie een marktactiviteit. Betrouwbaarheid van het net is cruciaal, omdat grote stroomstoringen enorme maatschappelijke schade veroorzaken. Tegelijk moest concurrentie in de productie zorgen voor efficiëntie.
Grid friendly
Vandaag werkt de Europese markt goed, maar de energietransitie veroorzaakt nieuwe knelpunten. Het grootste probleem is netcongestie, dat Nederland jaarlijks vele miljarden kost. Nieuwe infrastructuur bouwen duurt
vaak 10 jaar of langer, terwijl elektrificatie en duurzame opwek exponentieel groeien. Netbeheerders zijn gericht op betrouwbaarheid, terwijl toezichthouder ACM de efficiëntie bewaakt. Daardoor werd lange tijd alleen verzwaard bij
concrete aanvragen, niet anticiperend op toekomstige groei – een aanpak die nu tekortschiet. Innovaties ontstaan bovendien vooral bij marktpartijen, waardoor netbeheerders weinig directe controle hebben. Dit maakt de discussie over batterijen als congestieverzachter complex. Energieopslag is relatief nieuw in het systeem en tot enkele jaren geleden bestond er geen regelgeving voor. Ook het begrip ‘congestieverzachter’ komt niet voor in Europese of nationale codes. In andere landen spreekt men vaak van ‘grid friendly’.
Perspectief van netbeheerders
Voor netbeheerders staat betrouwbaarheid voorop. Idealiter zouden zij volledige controle hebben over batterijen, maar eigenaarschap is verboden in de Europese regelgeving, omdat netbeheerders de markt niet mogen beïnvloeden. Alleen volledig geïntegreerde netwerkbatterijen (‘grid boosters’) zijn toegestaan, maar die mogen dan weer niet worden ingezet voor congestiebeheer, aangezien congestiediensten door marktpartijen kunnen worden aangeboden.
Een alternatief is dat marktpartijen batterijen bezitten, terwijl netbeheerders via contracten of alternatieve transportrechten beperkte sturing krijgen. Denk aan afspraken waarbij een batterij in circa 15 procent van de tijd verplicht is niet te laden of ontladen, of aan capaciteitsbeperkings (cbc)- en capaciteitssturingscontracten (csc). Hoe meer uren een netbeheerder kan sturen, hoe meer zekerheid dit biedt. Vanuit dit perspectief is een batterij pas een congestieverzachter als de netbeheerder voldoende vertrouwen heeft.
Perspectief van marktpartijen
Marktpartijen zien batterijen vrijwel altijd als congestieverzachters, omdat zij laden bij lage prijzen (overschot) en ontladen bij hoge prijzen (tekort). Studies uit het Verenigd Koninkrijk tonen aan dat batterijen 97 tot 98 procent van
de tijd het net ontlasten. De resterende 2 tot 3 procent veroorzaken ze congestie doordat ze systeemdiensten leveren aan de landelijke netbeheerder. Marktpartijen vinden dat netbeheerders zelf prioriteiten moeten stellen: als congestie belangrijker is dan systeemdiensten, moeten congestiegebieden eerst worden aangewezen.
Naar een gezamenlijke definitie
Hoewel de perspectieven verschillen, is er wederzijds begrip. Netbeheerders erkennen dat marktpartijen investeringszekerheid nodig hebben, terwijl marktpartijen begrijpen dat netbeheerders controle willen voor de betrouwbaarheid. Een werkbare definitie van ‘congestieverzachter’ moet beide belangen dienen. De splitsingswet bracht een efficiënte markt, maar goed overleg tussen publieke en private partijen blijft essentieel voor een betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam energiesysteem!
Koen Broess
Lid van de Raad van Bestuur van Energy Storage NL
Deze column werd gepubliceerd in Solar & Storage Magazine maart 2026


